Dag 17 - Dinsdag, 14 december 1999

Om half tien 's morgens is de hemel bewolkt. Ik loop in de buurt van Hospital Calixto García en een jongen en een meisje steken de straat over. De jongen houdt een boek in zijn hand en vertelt me dat hij economie studeert. Hij legt me uit dat zijn vriendin aan astma lijdt en als ik haar aankijk zou hij best wel eens de waarheid kunnen spreken. Om zijn woorden kracht bij te zetten toont hij me een inhalator en zegt dat het medicijn dat ze nodig heeft alleen voor dollars te verkrijgen is. Dus als het niet teveel gevraagd is, zou ik even mee kunnen lopen en het medicijn voor haar kunnen kopen? Ik hoef niet lang na te denken over mijn antwoord: Lo siento, pero no es mi problema. Ze staan stil. Hij zegt dat hij het begrijpt en wenst me het beste.

Lantaarn de la RevoluciónIk ben ervan overtuigd dat je een grens moet stellen wie je wel of niet helpt. Het meisje lijdt aan iets wat haar leven waarschijnlijk op een ernstige manier beïnvloedt, maar het is haar probleem. Het is het probleem van de Cubaanse regering dat zij niet het medicijn krijgt dat ze nodig heeft. Juist Antonio (die ik in Santa Clara heb ontmoet) zei me dat 'jij je niet verantwoordelijk moet voelen om al deze problemen die we in Cuba hebben op te lossen'. Antonio, die aan een maagzweer lijdt en daardoor gewicht verliest. Antonio, die zeker dollars zou kunnen gebuiken om medicijnen te kopen die hij niet krijgt.

Een must voor toeristenNa een korte stop op het Plaza de la Revolución om foto's te maken ga ik op weg naar Centro Habana. Het bruist van de activiteit in Av. Simon Bolívar en het verbaast me dat deze straat op geen enkele manier vermeld staat in de LP. Bijzonder aan te raden om gewoon in de menigte te duiken die op de trottoirs loopt en het straatleven van dichtbij mee te maken.

Casa Natal de José MartíVent uit Camagüey, trots op zijn auto'Twee miljoen inwoners in Havana. Eén miljoen politieagenten. Maak je geen zorgen om je veiligheid', zegt de jongen die stelt dat hij de beste gids in Havana is. Ik ben het met hem eens wat de veiligheid betreft, maar ik heb geen gids nodig, dus loop ik door en ga de trap op die naar het Capitolio Nacional leidt, zoals mijn passagiers van gisteren me ook al aangeraden hadden. Mijn volgende doel is het geboortehuis van José Martí. De suppoost wijst me erop dat ik het houtwerk niet moet aanraken, omdat het pas geschilderd is. De blauwe kleur vormt een mooi contrast met het geel van de muren. Ik moet toegeven dat de Cubaanse regering haar best doet om bezienswaardigheden zoals deze in een perfecte staat te houden.

Cubaanse inventiviteit: MetrobusIk sta op het punt om voorbij El Floridita rechtsaf te slaan en Calle Obispo in te lopen als ik die dag het miljoenste aanbod van illegale sigaren krijg. 'Amigo, you want cigars?' Ik antwoord daarop met mijn gebruikelijke, 'No thanks, I don't smoke'. Het gegniffel van een vrouw die twee passen achter me loopt toont aan dat gevoel voor humor universeel is.

Lopend door Obispo krijg ik nog meer sigaren aangeboden. Sigaren en restaurants. En stadsgidsen. En nog meer sigaren. Al deze aanbiedingen van spullen en diensten die ik niet wil, beginnen een beetje op mijn zenuwen te werken en ik merk dat ik moet oppassen om niet uit te vallen naar de eerstvolgende die me iets probeert aan te smeren. Gedurende mijn verblijf in Cuba heb ik ervaren dat als je het duidelijk maakt aan de ritselaars dat je geen interesse hebt, zij je met rust zullen laten. Soms moet je het heel duidelijk maken, maar ze verdienen het niet om zonder respect behandeld te worden.

'La Giraldilla' op de torenLa Habana ViejaHet kaartje van het oude stadsdeel van Havana in mijn LP gids zorgt ervoor dat ik rond kan lopen en toch niet verdwaal. Luide muziek uit een deuropening trekt mijn aandacht en ik neem een kijkje. In een ruimte van drie bij tweeëneenhalve meter zijn een drummer, een bassist met een buizenversterker, een keyboardspeler, een percussionist, een trompettist en een zanger en zangeres aan het repeteren. Swingt de pan uit...ik wou dat ik kon dansen.